governance

Toezicht en Bestuur Stedelijk Museum Amsterdam

Het Stedelijk Museum Amsterdam past naast wet- en regelgeving de principes van  de Governance Code Cultuur (de “Code”) toe. Het museum vindt het belangrijk dat zijn doel op transparante en integere wijze wordt uitgevoerd en dat een goede verdeling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden bestaat tussen het Bestuur en de Raad van Toezicht. Het Stedelijk Museum toetst periodiek zijn werkwijze, statuten, website, jaarverslag en reglementen aan de Code. Op alle medewerkers van het museum zijn deze regels van toepassing. Zij worden gestimuleerd de regels van de Code actief toe te passen. 

Besturingsmodel: Bestuur en Raad van Toezicht

Het Stedelijk Museum hanteert een Raad van Toezicht-model, met een Bestuur en een Raad van Toezicht. Het Bestuur is verantwoordelijk voor de strategie en het beleid van het Stedelijk Museum en bestaat uit twee leden (zie pagina Bestuur). De Raad van Toezicht heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het Bestuur en op de algemene gang van zaken binnen het Stedelijk Museum en de uitgevoerde activiteiten. De Raad adviseert het Bestuur en richt zich bij de vervulling van haar taak naar het belang van het Stedelijk Museum, en heeft daarbij vooral oog voor de risico’s die kunnen ontstaan uit de taakuitoefening van het museum. Na het College van Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Amsterdam gehoord te hebben, beslist de Raad van Toezicht over de benoeming, schorsing en het ontslag van de leden van het Bestuur. Als er een vacature in het Bestuur ontstaat laat de Raad van Toezicht zich extern adviseren.

De Raad van Toezicht bestaat uit acht leden (zie pagina Raad van Toezicht). De leden zijn onafhankelijk van elkaar en van het Bestuur, waardoor ze als goede toezichthouders kunnen functioneren.
De benoemingstermijn van de Raad van Toezicht is statutair bepaald op een periode van maximaal twee keer vier jaar. Het rooster van aftreden van de Raad van Toezicht wordt gepubliceerd in het jaarverslag.

Bezoldiging

Het bezoldigingsbeleid van het Stedelijk Museum Amsterdam past bij het karakter van de instelling en stemt overeen met wettelijke voorschriften (WNT) en/of subsidievoorwaarden. Binnen het kader van dat bezoldigingsbeleid bepaalt de Raad van Toezicht de bezoldiging van individuele leden van het Bestuur. De leden van de Raad van Toezicht ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden. In het jaarverslag van het Stedelijk Museum Amsterdam wordt verder informatie verstrekt over de bezoldiging van het Bestuur. Het jaarverslag van het Stedelijk Museum Amsterdam vindt u hier.

Onafhankelijkheid

Een van de belangrijkste pijlers van de governance van het Stedelijk Museum is onafhankelijkheid. Ook op dit punt wordt de Code gevolgd. Principe 8 luidt: Toezichthouders en bestuurders vermijden iedere vorm van belangenverstrengeling. De Raad van Toezicht ziet hierop toe en bespreekt en weegt mogelijke belangenconflicten tijdens haar vergaderingen. Van besluiten over eventuele belangenconflicten zal in het jaarverslag melding gemaakt worden.  

Ook de samenstelling en nevenfuncties van de leden van het Bestuur en Raad van Toezicht worden nauwkeurig gewogen.

Profielschetsen  van de Raad van Toezicht en het Bestuur

De profielschetsen worden binnenkort gepubliceerd in het jaarverslag 2014, en vindt u hier.

Nevenfuncties van de Raad van Toezicht en het Bestuur

Deze staan vermeld in het jaarverslag van het Stedelijk Museum. Deze vindt u hier.

Naast de Code heeft het Stedelijk Museum (op basis van art. 3.1 van de Arbeidsomstandighedenwet) een ‘Reglement Vertrouwenspersonen en Klachtencommissie’ en een  ‘Meldingsregeling Onregelmatigheden en Misstanden’ opgesteld. Deze vindt u hier.

Jaarverslag

Het jaarverslag van het Stedelijk Museum wordt op de website gepubliceerd, en de editie van 2014 komt binnenkort online. Deze vindt u hier.